Pinguin BOBO’s Geschichte

BOBO doet precies wat jonge, ondeugende pinguïns graag doen: hij maakt een tochtje op een ijsberg. “Hier is het heerlijk,” zegt BOBO. “De zon schijnt, de wind waait, en mijn ijsberg is een supersnelle turbo-ijsberg.”

Maar dan gebeurt het onverwachte en belandt Pinguïn BOBO aan het einde van de wereld. Hier zijn wel bergen, maar ze zijn niet van ijs, maar van steen, met een dikke laag glinsterende sneeuw erop. Hier ontmoet hij Pummel, een klein meisje, en de heer IJskoning in een ijssalon. Wat Pinguïn BOBO op dat moment nog niet weet: samen zullen ze vele avonturen beleven in de witte bergen.

Maar eerst moet Pinguïn BOBO leren skiën - natuurlijk in de skischool!

Het is een prachtige dag om te skiën. Pummel en BOBO vliegen onvermoeibaar over de besneeuwde hellingen. Soms skiet BOBO vooruit en wacht hij op Pummel voor de volgende heuvel. Maar deze keer komt er, in plaats van Pummel, alleen een witte sneeuwwolk en een wirwar van ski's en stokken aan geslipt. Een snowboarder is tegen Pummel opgebotst en heeft haar onderuitgehaald.

“Hé, kun je niet uitkijken?” vraagt de jongen brutaal, terwijl hij zichzelf uit de zachte sneeuw hijst. Pummel is rood van woede. “Je kwam van achteren en hebt me omvergekegeld, jij blinde kluns!”

Wat zal er nu gebeuren? Dit is slechts het begin van het grote verhaal van Pinguïn BOBO en zijn vrienden.